Popper, Karl Raimund betekenis & definitie

Karl Raimund Popper (1902-­1994) is een belangrijke liberale filosoof uit de twintigste eeuw wiens werk in de verlichtingstraditie kan worden geplaatst. Hij is bekend vanwege zijn harde kritiek op het werk van Plato, Marx en Hegel en zijn voorliefde voor filosofen als Socrates en Immanuel Kant.

Popper werd in Wenen geboren. Hij kwam in 1935 op uitnodiging van Susan L. Stebbing naar het Verenigd Koninkrijk waar hij kennis­ maakte met Bertrand Russell, Alfred J. Ayer en andere belangrijke voorman­nen van het Britse filosofische denken. In 1937 vertrok Popper naar Nieuw­ Zeeland waar hij zijn boek The Open Society and its Enemies (1945) schreef, waarin de kritiek op Plato, Marx en Hegel vervat is, maar hij ook in talloze voetnoten uiteenzettingen presenteerde over de aard van democratie en de noodzaak tot kritiek.

Een kernbegrip in dit boek is, zoals de titel ook aanduidt, dat van de ‘open samenleving’. Een open samenleving is een democratie, maar ook een samenleving die open staat voor kritiek. Vrijheid van meningsuiting en de mogelijkheid alle ideeën en theorieën aan een stevige kritiek te onderwerpen staat hier centraal. Popper bevindt zich hiermee in de traditie van J.S. Mill, W.K. Clifford en andere Victoriaanse intellectuelen die sterk de nadruk legden op de noodzaak en de legitimiteit van kritiek. Zijn wetenschapsfilosofie, zoals uiteengezet in Logik der Forschung (1934), veel later gepubliceerd als The Logic of Scientific Discovery (1959), duidde hij aan als ‘kritisch rationalisme’. Popper was ook een atheïst en rationalist. Hij was verbonden aan de ‘Rationalist Press Association’ en een lid van de ‘International Academy of Humanism’.

Laatst bijgewerkt 17-02-2017