Paul Aelen

Schrijver op Ensie

Gepubliceerd op 02-05-2016

2016-05-02

Wetenschapsleer

betekenis & definitie

Wetenschapsleer, ook wel wetenschapsfilosofie, is een gedachtegoed dat zich richt op het opstellen en formuleren van regels voor het uitvoeren van wetenschap. Doordat wetenschap zich volgens velen dient te richt op het vergaren van objectieve kennis, moeten er ook enkele richtlijnen worden opgesteld.

Wetenschapsleer of wetenschapsfilosofie is de filosofische stroming waarin fundamentele vragen worden gesteld over wetenschap en de uitvoering daarvan. Enkele voorbeelden hiervan zijn: Is het mogelijk om objectieve kennis te vergaren? Hoe zeker kunnen we er van zijn dat de kennis daadwerkelijk juist is? Kunnen we een onderscheid maken tussen goed en slecht uitgevoerde wetenschap? Dit soort vragen vormen de basis voor de discussie die centraal staat binnen de wetenschapsleer.

Binnen de wetenschapsleer kan een onderscheid worden gemaakt tussen diverse aandachtsvelden of kenmerken. Deze kenmerken zijn ontologisch, epistemologisch, methodologisch of sociaal-filosofisch van aard. Bij ontologische kenmerken wordt gekeken hoe iets is of wat iets is. Bij epistemologische kenmerken wordt gekeken hoe men iets kent of iets te weten komt. Met name deze kenmerken nemen een prominente plek in binnen de wetenschapsleer. Daarnaast wordt er bij de methodologische kenmerken gekeken naar hoe men iets dient te onderzoeken en bij sociaal-filosofische kenmerken naar hoe men bij het uitvoeren van wetenschap wordt beïnvloed door contextuele factoren.

De wetenschapsleer kent daarnaast verschillende stromingen, die elke van de bovenstaande genoemde kenmerken anders benaderen. Zo is er onder andere het empirisme, het logisch-positivisme en het sociaal-constructivisme. Iedere stroming kijkt op een andere manier naar zaken die onlosmakelijk verbonden zijn met het uitvoeren van wetenschap, zoals het bestaan van een objectieve werkelijkheid en de manier waarop hier kennis uit kan worden opgedaan.