Kwantitatieve verruiming betekenis & definitie

Kwantitatieve verruiming staat voor Quantitative Easing (QE). Kwantitatieve verruiming (of versoepeling), geeft de Centrale Bank de mogelijkheid om geld te drukken en daarmee obligaties of aandelen te kopen.

Kwantitatieve verruiming zit in de gereedschapskist van elke Centrale Bank. Centrale Banken hebben de bank de mogelijkheid om geld te drukken en daarmee obligaties of aandelen te kopen. Het middel wordt ingezet bij lage economische groei en lage inflatie en op een moment dat de rente niet verder kan worden verlaagd. De Europese Centrale Bank heeft bijvoorbeeld op 22 januari 2015 besloten dit middel in te zetten. Vanaf maart 2015 wordt elke maand, tot maart 2017, voor € 60 mrd aan obligaties gekocht, voornamelijk staatsleningen.

Hoe werkt het? QE loopt via een van de drie kanalen : krediet, wisselkoers en welvaart.

1) Bij krediet verkopen banken (staats)obligaties aan de centrale bank waardoor ruimte op hun balans ontstaat om aan bedrijven en consumenten te lenen. Dat geeft de economie een impuls en stijft de inflatie.
2) Bij wisselkoers wordt er zoveel geld in de muntunie gepompd waardoor een munt minder waard wordt. Dit zorgt voor meer concurrentiekracht wat zou goed moeten zijn voor de economie. Tevens wordt hier inflatie mee geïmporteerd.
3) Met welvaart: doordat de ECB zoveel obligaties opkoopt, wordt de rente van die leningen gedrukt. Beleggers gaan dan op zoek naar rendement. Hierdoor worden andere beleggingscategorieën, zoals vastgoed of aandelen, meer waard. Dat moet de houders van die categorieën meer vertrouwen geven waardoor ze meer gaan consumeren. Dat is weer goed voor de groei en uiteindelijk voor de inflatie. (Bron FD)