Disruptieve innovatie (Professor Christensen) betekenis & definitie

Disruptieve innovatie is volgens Professor Christensen het introduceren van een simpeler product door een markttoetreder voor een doelgroep die voor de bestaande spelers minder interessant is.

Professor Clayton M. Christensen is de grondlegger van de theorie over disruptieve innovatie. Zijn eerste publicatie over het thema disruptieve innovatie stamt al uit 1995.

Volgens Christensen is disruptie niet een beter product, maar een simpeler product voor een andere doelgroep. Voor bestaande spelers is deze doelgroep, vaak met weinig geld of verwachtingen, minder interessant dan klanten uit het middensegment en topsegment. De bestaande spelers voelen zich niet bedreigd door deze nieuwe gebrekkige producten. Als in de loop van de tijd, vaak door concurrentie, de aanbieders hun kwaliteit verbeteren gaat ook het middensegment om. Voor bestaande spelers is het dan te laat om de nieuwkomer­ te stoppen. Dit proces kan meerdere jaren duren. Voorbeelden van disruptieve innovaties zijn de smartphone, die met slimme apps meer en meer de computer verdringt of de bitcoin als vervanger van klassiek betalingsverkeer.

Een nieuwkomer is eerder succesvol bij de disruptie definitie van Christensens. Indien een innovatie direct de huidige business en de huidige klanten van de bestaande spelers treft, zal deze direct reageren, en de nieuwkomer kopen of proberen uit de markt te drukken voordat deze te groot wordt. Gaat het echter in eerste instantie om oninteressante klanten en inferieure producten of businessmodellen, dan ontbreekt de schijnbare noodzaak om er iets aan te doen.

Disruptieve innovaties zijn volgens Christensen niet de nieuwe producten of services, als Uber of Whatsapp, die in zeer korte tijd een industrie op zijn kop zetten en bestaande spelers in grote moeilijkheden brengen.

Gepubliceerd op 23-12-2015