Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 19-01-2019

Zuur

betekenis & definitie

Zuur - een chemische verbinding, die, in water opgelost, in ionen is gesplitst, waarvan één steeds een waterstof-ion is. De eigenschappen van dit waterstof-ion zijn het, waaraan de zuren hun eigenaardige, gemeenschappelijke eigenschappen danken, te weten hun zuren smaak, reactie met een aantal kleurstoffen, waarvan lakmoes een van de oudst bekende is en waarvan de kleur door een voldoend sterk zuur van blauw in rood omslaat, inwerking op een aantal metalen onder waterstofontwikkeling, op basen onder vorming van zouten, katalytische versnelling van tal van reacties. Deze eigenschappen zijn niet bij alle zuren in even sterke mate voorhanden, ook dan niet wanneer men heeft gezorgd voor vergelijkbare verdunningen. Dit is hieraan toe te schrijven, dat de mate, waarin de verschillende zuren in hun ionen zijn gesplitst, zeer verschillend is en de hoeveelheid waterstofionen, die aanwezig is, dus zeer uiteen kan loopen.

Z., die in sterke mate in ionen zijn gesplitst en die dus een groote hoeveelheid waterstofionen in oplossing geven, noemt men sterke z., terwijl de weinig gesplitste zwakke genoemd worden. De meeste organische zuren zijn zwak, terwijl de voornaamste anorganische z., als zoutzuur, zwavelzuur en salpeterzuur, sterke z. zijn. Daar de eigenschap als z. te werken afhangt van de aanwezigheid van waterstofionen en deze allen bij verdunning gevormd worden, zijn deze vaak bij geheel watervrije z. niet aan te toonen.