Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 17-01-2019

Strijken

betekenis & definitie

Strijken - is een afwijking in den gang bij het paard, waarbij bij het loopen het eene been tegen het andere slaat. Gewoonlijk wordt het kootgewricht, soms ook de pijp, geraakt. De gevolgen zijn verwonding met opvolgende litteekenvorming of kneuzing met huidverdikking. Men spreekt dan van strijkkogels.

Het spreekt van zelf, dat door zulk een verdikking aan de binnenvlakte het strijken weer verergert. Het s. komt zoowel aan voorals aan achterbeenen voor. De oorzaken van het s. kunnen verschillend zijn. Vooreerst kan het liggen in nauwe standen en gangen en in afwijking in den gang, waarbij de voet binnenwaarts wordt opgebeurd (scheppen). Verder kan het s. veroorzaakt worden door te groote hoeven en binnen te wijd liggende ijzertakken of uitstekende nieten. Ook het te veel besnijden van de binnenverzen en het daardoor naar binnen doorzakken van het kootgewricht, is oorzaak, dat dit eerder geraakt wordt. Allerlei strijkijzers worden gebezigd om het strijken te voorkomen of de nadeelen te voorkomen. Ook past men strijkriemen, strijklappen en strijkringen toe, die het kootgewricht beschermen tegen de nadeelen van het s.