Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 12-01-2019

Melaatschheid

betekenis & definitie

Melaatschheid - lepra, is de door den leprabacil veroorzaakte chronische infectieziekte. De leprabacil is in 1874 door A. Hansen ontdekt; zij tast vooral de huid en de periphere zenuwen aan; in mindere mate de inwendige organen. Reeds in 1500 v. Chr. zoude, volgens de overleveringen, de lepra epidemisch geheerscht hebben in de dalen van den Ganges en van den Nijl. Hiervan uit heeft zij zich over de aarde verbreid, en is al in den tijd der Phoeniciërs, later door de legers van Pompeius uit Syrië en Egypte naar Europa overgebracht.

De grootste epidemieën zijn die der Franken in de 7e en 8e eeuw en die welke gedurende de kruistochten in de 12e en 13e eeuw ln Europa woedden. In 1244 zouden in Europa niet minder dan 19.000 leprozenhuizen hebben bestaan, waarin men de lijders afzonderde, om verdere uitbreiding tegen te gaan. In menige kerk getuigen nog bepaalde banken van de afzondering der melaatschen. Dat zij zich ook op straat moesten doen kennen door een klep is welbekend. Langzamerhand is het aantal melaatschen sterk afgenomen, zoodat het aantal thans in Europa op ± 6000 wordt geschat. In Nederland, waar zij uit de koloniën komen, schat men hun aantal op 20—40.

Voor hen bestaat een tehuis op de Veluwe. — De incubatietijd duurt jaren. Dan treden verschijnselen op van herhaalde koortsaanvallen, aanhoudende hoofdpijn, duizeligheid, slaperigheid, rheumatische en neuralgische pijnen, stoornissen in de zweetafscheiding, enz., die dan gevolgd worden door de huidafwijkingen. Deze huidafwijkingen (huidlepra) zijn verschillend; men kan vlekken, blazen, knobbels en diffuse verdikkingen in het onderhuidsche weefsel onderscheiden. Deze huidafwijkingen, vooral de knobbels, die bij voorkeur in het gezicht voorkomen, kunnen de lijders een afschuwelijk uiterlijk doen krijgen. (Zie LEONTIASIS.) De melaatschheid is niet geneeslijk. De lijders behoeven vooral een hygiënische behandeling ; hun wonden en zweren moeten verbonden gehouden worden, om besmetting te voorkomen. Reizen, vooral zeereizen, buitenleven, uiterste zindelijkheid, hydrotherapie oefenen een gunstigen invloed op de ziekte uit.