Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 10-01-2019

Koken

betekenis & definitie

Koken - Een vloeistof wordt gezegd te k., wanneer de dampspanning er van gelijk is aan den uitwendigen druk. Aangezien de dampspanning met stijgende temperatuur toeneemt, zal een vloeistof bij des te hoogere temperatuur k., naarmate de uitwendige druk hooger is, en bij des te lagere temperatuur, naarmate die druk lager is. Dientengevolge kookt water op hooge bergen, waar de luchtdruk lager is dan op het zeeniveau, bij lagere temperatuur. Hierop berust een toestel om de hoogte van bergen te meten, de ebullioscoop.

Wanneer een vloeistof kookt, kan de dampspanning den uitwendigen druk overwinnen en zoodoende het gas, dat dien druk uitoefent, voor zich uitdrijven. Wordt een vloeistof, b.v. water, door verwarming van onderen aan het k. gebracht, dan kan het geschieden, dat aan de onderzijde de kooktemperatuur reeds is bereikt, en zich aldaar reeds dampbellen vormen, die echter hoogerop, waar de temperatuur nog lager is, weer condenseeren. Het eigenaardige geruisch, dat dientengevolge wordt vernomen, wordt met den naam razen bestempeld. Eerst wanneer de geheele vloeistof de kooktemperatuur heeft bereikt, kunnen de dampbellen tot aan de oppervlakte stijgen en aldaar ontsnappen. Gedurende het k. kan de kokende vloeistof soms hevig stooten, waarbij groote dampbellen worden gevormd. Dit verschijnsel is een gevolg van oververhitting der vloeistof.