Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gepubliceerd op 13-12-2018

Copie

betekenis & definitie

Copie - Copij, 1) afschrift; — 2) in de boekdrukkerij de naam voor het gedrukte, getypte of geschreven origineel, dat aan den letterzetter wordt gegeven om te worden gezet en later op de boekdrukpers te worden vermenigvuldigd. De aard der copij is van grooten invloed op de kosten van het werk en bij het thans (1917) algemeen geldende boekdrukkerstarief geldt dan ook gedrukte copij als grondslag der prijsberekening. Zetwerk naar goed geschreven, vlot leesbare, of getypte Nederlandsche copij moet reeds 15 % hooger dan gedrukte copij worden betaald, terwijl c. in vreemde talen den prijs met 20—25 % verhoogt, wanneer ze uit Latijnsche letters kan worden gezet. Zetwerk in Duitsch lettertype vereischt eene extra-verhooging van 10 %, in Grieksch of Russisch lettertype van 40 %, en in Hebreeuwsch of Oostersch lettertype van 80 %. Het zetten naar onduidelijke of slecht geschreven, niet vlot leesbare Nederlandsche c. moet met weer minstens 30 %, naar c. in andere talen met minstens 40 % extra worden betaald.

Alleen een duidelijk en regelmatig geschreven origineel maakt het mogelijk den omvang van een te drukken boek met eenige zekerheid te bepalen, en stelt den zetter in staat zonder buitengewone inspanning van oogen en hand te kunnen werken; ook het formaat is voor het laatste van beteekenis. Groot octavo of klein kwarto papier met lijnen is daartoe het meest aanbevelenswaardig. C. die te groot of te ruim geschreven is, verplicht den zetter te vaak het divisorium te verschuiven, te klein schrift vergt te veel van zijn oogen en borst door herhaald vooroverbuigen. Vooral inlasschen en veranderingen, aan den voet of aan den kant der c. geplaatst, veroorzaken veel tijdverlies. Duidelijke c. bespaart bovendien de zeer dure extra-correctie. Voor het per post verzenden van c. zie DRUKWERK.