Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Gepubliceerd op 17-06-2020

2020-06-17

raken

betekenis & definitie

(raakte, heeft en is geraakt),

1. treffen door een slag, stoot, worp, schot, enz.: de schijf — sloeg hem waar hij hem — kon; (biljarten) om de bal te trekken moet je hem van onderen — ;
2. thans bijna alleen in hem (’m) —; hij drinkt alleen bij bijzondere gelegenheden, maar dan raakt hij hem ook!;
3. geestelijk treffen, ontroeren: je blijft altijd uiterlijk zo onbewogen, dat je nooit weet, of iets je nou raakt of niet;
4. aangaan, betreffen, betrekking hebben op: dat raakt mij zeer van nabij; kunnen schelen;
5. aanraken: zonder de grond te —; (fig.) in het spreken of schrijven aanroeren, even noemen: in deze brief raak je een punt waarover ik uitvoerig met jou zou willen spreken; met een in een bepaling met aan genoemde zaak: daar mag je niet aan —, daar moet je afblijven; (oneig.) aan iets —, kritiek uitoefenen op iets dat als onaantastbaar wordt beschouwd; een gevoelig punt ter sprake brengen; verandering willen brengen in iets dat door de traditie geheiligd is;
6. geraken tot: in zee —; (fig.) aan de drank —, een dronkaard worden; met iemand aan de praat —, in gesprek komen; aan het kibbelen —, beginnen te twisten; aan de zwier —, buiten westen —; in onmacht vallen; met elkaar in oorlog —; in de mode —; in verlegenheid, in de war, uit zijn gewone doen —; in brand —, vlam vatten; hij is helemaal uit het spoor geraakt, van de goede weg afgeweken (eig. en fig.); uit de maat —; uit het geheugen —, vergeten; uit de mode —, niet meer in zwang zijn; uit zijn humeur —; van zijn stuk —; verlegen worden, blijven steken (in een rede enz.); van de weg —, verdwalen; van de wijs —, de melodie niet houden; (fig.) in de war komen; als koppelww.: lek, onklaar, vlot, vrij —; bekend, kwijt, slaags, beklemd —; ergens verzeild —; te land komen; zoek —; verloren gaan.