Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Gepubliceerd op 24-06-2020

onafgebroken

betekenis & definitie

(het accent wisselt), bn. en bw.,

1. niet afgebroken, aaneengeschakeld, doorlopend: 40 jaar on’afgebroken dienst; een on’afgebroken reeks van ongelukken;
2. zonder tussenpoos, voortdurend, aanhoudend: zijn rust was onaf’gebroken en verkwikkend.