Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Gepubliceerd op 24-06-2020

lel

betekenis & definitie

v. /m. (-Ien),

1. beweeglijk, slap neerhangend stuk vlees of vel: de van het oor; (dierkunde) afhangend, naakt, vlezig uitgroeisel aan de kop van vogels;
2. loshangende lap: lellen en bellen;
3. iemand een — geven, een flinke klap om de oren, in het gezicht.