Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Gepubliceerd op 27-06-2020

Julius

betekenis & definitie

mannennaam, gedragen door o.a. drie pausen.

Julius I, paus (337—352), heilige. Julius verdedigde Athanasios, bisschop van Alexandrië, die door de arianen was afgezet. In 342-343 riep hij het Concilie van Sardica bijeen, dat een sterke dam tegen het →arianisme in het westen opwierp en Athanasios als rechtmatige bisschop van Alexandrië erkende. Julius II, paus (1503 — 13), Giuliano della Rovere, *5. 12.1443 bij Savona, ♱21.2.1513 Rome. Julius n was een neef van paus Sixtus IV. Hij spande zich vooral in om de Kerkelijke Staat, die onder paus Alexander VI veel geleden had, te herstellen. Hij verdreef Cesare Borgia uit Italië, veroverde Perugia en Bologna en verbond zich met keizer Maximiliaan i en koning Lodewijk XII van Frankrijk tegen Venetië (Liga van Kamerijk, 1509).

Nadat Venetië was bedwongen, richtte hij samen met deze republiek en andere staten tegen Frankrijk de Heilige Liga op. Toen Lodewijk XII tegen de paus een algemeen concilie had belegd te Pisa (1511), reageerde Julius hierop met de bijeenroeping van het Vijfde Lateraans Concilie (1512). Al toonde Julius zich meer veldheer en staatsman dan geestelijke, toch nam hij enkele hervormingsmaatregelen en bevorderde hij het missiewerk, vooral in Amerika. Als typisch renaissancepaus begunstigde hij kunsten en wetenschappen.

LITT. G.de Beauvillé, Jules II (1966).

Julius III, paus (1550—55), Giovanni Maria del Monte, *10.9.1487 Rome, ♱23.3.1555 Rome. Als eerste voorzitter en pauselijk legaat opende Julius in 1545 het Concilie van Trente. Als paus riep hij in 1551 het geschorste concilie weer te Trente bijeen, maar legde in 1552 de conciliaire werkzaamheden wegens politieke moeilijkheden weer stil. Julius begunstigde de jezuïeten, stichtte het Collegium Germanicum voor de opleiding van Hongaarse en Duitse priesters te Rome en zond R.→Pole met het oog op kerkelijke hereniging naar Engeland. Hij benoemde Michelangelo tot architect van de Sint-Pieter en Palestrina tot kapelmeester; de Villa Giulia te Rome is naar hem genoemd.