Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

Gepubliceerd op 02-02-2019

Balk

betekenis & definitie

Balk - m. (-en), 1. prismavormig (behakt of bezaagd) stuk hout, dat dient als dragend constructiedeel van een bouwwerk, ook een soortgelijk lichaam van ijzer, beton e ,d. : de balken van de zoldering; balken onder het dak of hanebalken; (zegsw.) dat mag wel met een krijtje aan de —, dat is een merkwaardige gebeurtenis, dat is in lang niet gebeurd; zij gooien het geld (hooi) niet over de —, leven op bescheiden voet, zijn niet verkwistend; spreekw.: de splinter in andermans oog zien maar niet de — in eigen oog (zie splinter);

2. rechte band van twee evenwijdige lijnen dwars over een wapenschild, soms als teken van bastaardij ; vandaar: een in zijn wapen voeren, niet echt zijn;
3. samenstel van horizontale lijnen waarop de muzieknoten geschreven worden;
4. staafje waarop het bovenblad van een viool en dergelijke instrumenten steunt;
5. onderscheidingsteken van metaaldraad op de kleding (epauletten) van hoofdofficieren;
6. benaming voor de luchtbelletjes in het ijs, die boven elkaar de dikte van het ijs aantonen: er liggen (zijn) nog geen balken onder het ijs, het ijs is nog niet sterk genoeg.

BOUWKUNDE.

De functie van de balk is, dat hij de last van hetgeen hij ondersteunt, overbrengt op de delen waarop hij zelf rust. Op deze wijze overspannen balken de ruimte tussen twee muren tot dracht van een vloer of van een overkapping. De doorsnede is voor hout meestal rechthoekig of Tvormig, voor staal de bekende profielen (profielstaal), voor (gewapend of voorgespannen) beton meestal rechthoekig maar ook T-, I- of omgekeerde -T-vormig.

HERALDIEK. De balk is een heraldische figuur die tot de herautstukken behoort. Diverse standen zijn voor een balk mogelijk, waarvan de voornaamste zijn:

1. horizontaal: balk of faas;
2. verticaal: paal;
3. diagonaal van de linker bovenhoek naar rechtsonder: (rechter)schuinbalk of band;
4. diagonaal van de rechter bovenhoek naar linksonder: linkerschuinbalk of baar. Is een schild horizontaal verdeeld door drie of meer horizontale lijnen zodat een even aantal balken is ontstaan dan spreekt men in een wapenbeschrijving van: gedwarsbalkt in (aantal) stukken; op dezelfde wijze kent men: geschuinbalkt, linksgeschuinbalkt, gepaald. Een zeer smalle schuinbalk geeft in vele gevallen blijk van onwettige geboorte; een zeer smalle paal is een staak.