Encyclopedie van de evolutiebiologie

Prof. Nico M. van Straalen (2019)

Gepubliceerd op 03-08-2019

Somieten

betekenis & definitie

Tijdens de embryonale ontwikkeling van Chordata segmentaal aangelegde blokken mesodermweefsel aan weerszijden van de neurale buis

De somieten zijn in de ontwikkeling van modeldieren zoals de zebravis en de klauwpad herkenbaar als een serie blokken aan weerszijden van de middellijn. Bij de kip en de mens liggen ze langs de primitiefstreep. Men noemt ze ook wel het paraxiaal mesoderm. Het feit dat ze gesegmenteerd zijn herinnert ons er aan dat gewervelde dieren in aanleg uit segmenten bestaan.

De vorming van somieten vindt plaats als onderdeel van de specificatie van de lengteas van het embryo onder invloed van Hox-genen. Aanvankelijk is het somietenweefsel nog pluripotent, wat blijkt uit transplantaties, maar als ze eenmaal gevormd zijn hebben ze een identiteit gekregen die behoort bij hun positie in de lengteas van het embryo. De aanleg van achtereenvolgende segmenten vindt plaats met een klokmechanisme, door opeenvolgende golven van Notch- en Wnt-signalen, aangestuurd door Hox-genexpressies.

Na de neurulatie spelen de somieten een rol bij de migratie van de neurale lijstcellen. Deze cellen maken zich bij het sluiten van de neurale buis los uit de neurale lijst en migreren langs de somieten naar hun plaats van bestemming.

Uit de somieten worden drie typen weefsels gevormd, de wervels (die om de neurale buis heen groeien), inclusief de ribben (die vanuit de wervelkolom groeien), de spieren van de dorsale zijde en het mesoderm van de huid. Ook het achterhoofdsbeen in de schedel wordt uit een somiet gemaakt. De onderdelen van de somiet die deze weefsels maken worden myotoom (voor de spieren), sclerotoom (voor de wervelkolom en de wervels) en dermatoom (voor de huid) genoemd.