Assortatieve paring betekenis & definitie

Kruising met voorkeur voor specifieke fenotypische kenmerken van een partner; niet lukraak

Assortatieve paring is een schending van één van de voorwaarden voor Hardy-Weinberg-evenwicht. Het HW-evenwicht vereist immers panmixis, d.w.z. dat de kans om nakomelingen te krijgen met een ander lid van de populatie voor alle leden van de populatie gelijk is.

Assortatieve paring leidt tot onderverdeling van een populatie (bij de mens bijvoorbeeld doordat groepen vaker met elkaar dan met andere groepen huwen). Er zijn talloze mechanismen die dit veroorzaken. Cultuur, religie en etnische afkomst zijn sterke scheidingsmechanismen. Ook opleidingsniveau en intelligentie veroorzaken partnervoorkeuren. Toch is in een grote bevolking het effect van assortatieve paring op de totale genetische variatie niet eens zo groot en de afwijking van Hardy-Weinberg-evenwicht vaak nauwelijks aantoonbaar. Dit wordt veroorzaakt doordat relatief zeldzame paringen tussen de groepen al voldoende zijn om het isolerend effect te doorbreken. Bovendien maken de kenmerken op basis waarvan gekozen wordt, zoals lichaamsgeur in de “zweterige T-shirtjes test”, wat leidt tot heterozygositeit in het MHC-complex, maar een klein deel van het genoom uit. Ondanks assortatieve paring zijn de meeste populaties toch bij benadering als gemengd te beschouwen.

Toch wordt vaak de vraag gesteld of Homo sapiens zich door assortatieve paring na lange tijd in twee of meer subspecies zou kunnen splitsen. Men denkt dan aan een "supermens" die groot, slank, gezond en intelligent zou zijn en een “onderklasse”-mens die klein, dik, ongezond en minder slim zou zijn. Maar uiteraard is dit onzin omdat door toegenomen mobiliteit en reisgedrag de wereldbevolking juist steeds meer homogeniseert tot één grote voorraad van genetisch materiaal.

Laatst bijgewerkt 05-03-2019