zonder betekenis & definitie

zonder - voorzetsel
uitspraak: zon-der

1. wat er niet bij of in is
zij drinkt thee zonder suiker
1. ik kan niet zonder jou
[ik kan je niet missen]

Algemene uitdrukkingen:
1. zonder dat iemand het wist
[niemand wist het]
2. zonder aarzelen
[hij aarzelde niet]
3. dat is zonder meer waar
[absoluut waar]
4. zonder twijfel
[daar hoeft niet aan getwijfeld te worden]
5. we zitten zonder
[we hebben niets meer]
Voorzetsel: zon-der

Tegenstellingen
met