waarborgen betekenis & definitie

waarborgen - regelmatig werkwoord
uitspraak: waar-bor-gen

1. ervoor zorgen dat het zeker is
ik kan niet waarborgen dat het echt goud is

Regelmatig werkwoord: waar-bor-gen
ik waarborg
jij/u waarborgt
hij/zij waarborgt
wij/zij/jullie waarborgen
ik/jij/u/hij/zij waarborgde
wij/zij/jullie waarborgden
hij heeft gewaarborgd
de/het/een gewaarborgde ....
waarborgend, waarborgende

Synoniemen
garanderen, instaan, verzekeren