Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

uitdossen

betekenis & definitie

uitdossen - regelmatig werkwoord
uitspraak: uit-dos-sen

1. je feestelijk en opvallend kleden
zij heeft zich prachtig uitgedost voor het feest

Regelmatig werkwoord: uit-dos-sen
ik dos uit (... ik uitdos)
jij/u dost uit (... jij uitdost)
hij/zij dost uit (... hij uitdost)
wij/zij/jullie dossen uit (... wij uitdossen)
ik/jij/u/hij/zij doste uit (... ik uitdoste)
wij/zij/jullie dosten uit (... wij uitdosten)
hij heeft uitgedost
de/het/een uitgedoste ....