Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

stroken

betekenis & definitie

stroken - regelmatig werkwoord
uitspraak: stro-ken

1. voor een deel of helemaal hetzelfde zijn
dat uitstapje strookt niet met mijn plannen

Regelmatig werkwoord: stro-ken
het strookt
zij stroken
het strookte
zij strookten
het heeft gestrookt
strokend, strokende

Synoniemen
overeenkomen, overeenstemmen

Tegenstellingen
afsteken, contrasteren