Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

stengel

betekenis & definitie

stengel - zelfstandig naamwoord
uitspraak: sten-gel

1. dunne steel van een plant
♢ de stengel van de roos was geknakt

Zelfstandig naamwoord: sten-gel
de stengel
de stengels
het stengeltje