Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

schild

betekenis & definitie

schild - zelfstandig naamwoord

1. plaat die men aan zijn arm draagt om zich tegen aanvallen te beschermen
♢ de ridder ving met zijn schild de slag op
1. iets in je schild voeren
[een geheim plan hebben]
2. harde laag op de rug van sommige dieren
♢ kevers en schildpadden hebben een schild

Zelfstandig naamwoord: schild
het schild
de schilden
het schildje