Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

satan

betekenis & definitie

satan - zelfstandig naamwoord
uitspraak: sa-tan

1. het kwaad, voorgesteld als een mannetje met horens
♢ de gelovige man was bang voor de satan

Zelfstandig naamwoord: sa-tan
de satan
de satans

Synoniemen
duivel