Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

residu

betekenis & definitie

residu - zelfstandig naamwoord
uitspraak: re-si-du

1. wat na een bewerking overblijft
♢ na het stomen blijft er toch nog een residu van het gif in de stof achter

Zelfstandig naamwoord: re-si-du
het residu
de residuen