Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

2017-11-14

onderbroek

betekenis & definitie

onderbroek - zelfstandig naamwoord
uitspraak: on-der-broek

1. korte broek die je onder je andere kleding draagt
hij ging zwemmen in zijn onderbroek

Zelfstandig naamwoord: on-der-broek
de onderbroek
de onderbroeken
het onderbroekje

Synoniemen
slip