Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

lamlendig

betekenis & definitie

lamlendig - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: lam-len-dig

1. lusteloos en futloos
je wordt van die warmte erg lamlendig

Bijvoeglijk naamwoord: lam-len-dig
... is lamlendiger dan ...
het lamlendigst
de/het lamlendige ...
iets lamlendigs

Tegenstellingen
ijverig, vlijtig