Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

lam

betekenis & definitie

lam - zelfstandig naamwoord

1. jong van een schaap of geit
er is een lammetje geboren
1. het Lam Gods
[symbolische benaming voor Christus]
2. als een lam naar de slachtbank geleid worden
[jezelf zonder tegenwerking ten onder laten brengen]
3. leven als een lam
[met iedereen in vrede leven]

Zelfstandig naamwoord: lam
het lam
de lammeren
het lammetje