Muiswerk

Woordenboek van Muiswerk Educatief

Gepubliceerd op 14-11-2017

2017-11-14

keurig

betekenis & definitie

keurig - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: keu-rig

1. met goede manieren, zoals het hoort
♢ de kinderen hebben zich keurig gedragen
2. zeer goed
♢ dat heb je keurig gedaan hoor!
1. keurig netjes
[zeer netjes]
3. heel goed verzorgd
♢ kind, wat zie je er weer keurig uit!

Bijvoeglijk naamwoord: keu-rig
... is keuriger dan ...
het keurigst
de/het keurige ...
iets keurigs

Synoniemen
behoorlijk, beschaafd, correct, fatsoenlijk, gepast, netjes, piekfijn, voorkomend, zedelijk

Tegenstellingen
onbehoorlijk, onfatsoenlijk