junta betekenis & definitie

junta - zelfstandig naamwoord
uitspraak: goen-ta

1. regering van hoge militairen die bij een staatsgreep de macht gegrepen hebben
♢ Argentinië werd van 1976 tot 1983 bestuurd door een junta

Zelfstandig naamwoord: goen-ta
de junta
de junta's