Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

hinder

betekenis & definitie

hinder - zelfstandig naamwoord
uitspraak: hin-der

1. wat je stoort of belemmert
we hebben niet veel hinder van die bouwplaats

Zelfstandig naamwoord: hin-der
de hinder

Synoniemen
last, ongemak

Tegenstellingen
comfort, gemak