Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

gezagvoerder

betekenis & definitie

gezagvoerder - zelfstandig naamwoord
uitspraak: ge-zag-voer-der

1. wie iets te zeggen heeft over andere mensen
♢ de gezagvoerder is de baas in het vliegtuig

Zelfstandig naamwoord: ge-zag-voer-der
de gezagvoerder
de gezagvoerders

Synoniemen
autoriteit, gezag, gezaghebber, overwicht