Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

geschenk

betekenis & definitie

geschenk - zelfstandig naamwoord
uitspraak: ge-schenk

1. wat je van iemand krijgt zonder tegenprestatie
ik kreeg een prachtig geschenk van hem

Zelfstandig naamwoord: ge-schenk
het geschenk
de geschenken
het geschenkje

Synoniemen
cadeau, gave, presentje