Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

even

betekenis & definitie

even - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: e-ven

1. deelbaar door twee
♢ 8 is een even getal
2. net zo, in gelijke mate
mijn zus en ik zijn even zwaar
3. korte tijd
♢ ik moet even mijn handen wassen
4. een klein stukje
♢ hij is even in de dertig

Algemene uitdrukkingen:
1. het is mij om het even
[het maakt mij niet uit]
2. is dat even schrikken!
[daar ben ik erg van geschrokken]
3. als het even kan
[als het ook maar enigszins mogelijk is]
Bijvoeglijk naamwoord: e-ven

Tegenstellingen
lang, oneven