elleboog betekenis & definitie

elleboog - zelfstandig naamwoord
uitspraak: el-le-boog

1. gewricht tussen boven- en onderarm
ik stootte mijn elleboog
1. het achter de ellebogen hebben
[stiekem zijn]
2. de ellebogen gebruiken
[op een onsportieve manier iets bereiken]

Zelfstandig naamwoord: el-le-boog
de elleboog
de ellebogen
het elleboogje