Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

dosis

betekenis & definitie

dosis - zelfstandig naamwoord
uitspraak: do-sis

1. hoeveelheid die je in één keer moet gebruiken
♢ de dosis van dit medicijn is: drie maal per dag innemen
1. een flinke dosis
[veel]

Zelfstandig naamwoord: do-sis
de dosis
de doses of dosissen