Muiswerk

Woordenboek van Muiswerk Educatief

Gepubliceerd op 14-11-2017

2017-11-14

doof

betekenis & definitie

doof - bijvoeglijk naamwoord

1. wie niet goed kan horen
je hoeft niet te schreeuwen, ik ben niet doof!
1. zo doof als een kwartel
[erg doof]
2. hij is Oost-Indisch doof
[hij doet alsof hij niets hoort]

Bijvoeglijk naamwoord: doof
... is dover dan ...
het doofst
de/het dove ...