Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

deelbaar

betekenis & definitie

deelbaar - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: deel-baar

1. wat verdeeld kan worden
♢ een sinaasappel is heel goed deelbaar
2. wat door een ander getal gedeeld kan worden
♢ 21 is deelbaar door 7
3. wat je kunt opsplitsten
♢ 'nakijken' is een deelbaar werkwoord

Bijvoeglijk naamwoord: deel-baar
de/het deelbare ...