Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

blank

betekenis & definitie

blank - bijvoeglijk naamwoord

1. ongekleurd of ongeverfd
♢ de bank is van blank hout
1. blank staan
[onder water staan]
2. een huid die niet gekleurd is
♢ de meeste inwoners van deze stad zijn blank

Bijvoeglijk naamwoord: blank
... is blanker dan ...
het blankst
de/het blanke ...
iets blanks

Tegenstellingen
gekleurd