Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

babbelen

betekenis & definitie

babbelen - regelmatig werkwoord
uitspraak: bab-be-len

1. gezellig praten over onbelangrijke dingen
we babbelden wat bij een kopje thee

Regelmatig werkwoord: bab-be-len
ik babbel
jij/u babbelt
hij/zij babbelt
wij/zij/jullie babbelen
ik/jij/u/hij/zij babbelde
wij/zij/jullie babbelden
hij heeft gebabbeld
babbelend, babbelende

Synoniemen
keuvelen, kletsen, kwebbelen, kwekken