Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

Gepubliceerd op 14-11-2017

algemeen

betekenis & definitie

algemeen - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: al-ge-meen

1. voor of van iedereen
deze wasmachine is voor algemeen gebruik
1. het voorstel is met algemene stemmen aangenomen
[niemand was ertegen]
2. het is algemeen bekend
[iedereen weet het]
3. algemeen kiesrecht
[voor en van iedereen]
4. het algemeen klassement
[overzicht van het totale resultaat]
5. Algemeen Beschaafd Nederlands
[de taal die in het hele taalgebied te gebruiken is]
6. met algemene stemmen iets aannemen
[iedereen is het ermee eens]
2. niet van een speciale afdeling
♢ hij is algemeen directeur van deze school
1. de algemene middelen
[belastinggelden die geen speciale bestemming hebben]
3. in grote lijnen
♢ de vergadering begon met een algemeen overleg
1. algemene ontwikkeling
[globale kennis van aspecten van de beschaving]
2. in algemene termen spreken
[niet over de details]

Algemene uitdrukkingen:
1. in het algemeen, over het algemeen
[meestal, doorgaans]
Bijvoeglijk naamwoord: al-ge-meen
... is algemener dan ...
het algemeenst
de/het algemene ...
iets algemeens

Synoniemen
generaal, globaal, ongeveer, ruw, schematisch

Tegenstellingen
gedetailleerd

< >