Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

Gepubliceerd op 14-11-2017

2017-11-14

akkoord

betekenis & definitie

akkoord - bijvoeglijk naamwoord
uitspraak: ak-koord

1. het is in orde, je bent het ermee eens
we gaan akkoord met dit voorstel

Bijvoeglijk naamwoord: ak-koord