Santpoort (gemeente Velsen) betekenis & definitie

Dorp, ontstaan in het binnenduingebied van de Kennemerduinen nabij het 13de-eeuwse kasteel Brederode. Santpoort wordt voor het eerst vermeld in 1388. De kleine nederzetting lag aan een belangrijke noord-zuidverbinding (Heerweg, nu Rijksweg) bij de samenkomst met de Slaperdijk.

Voor het afzanden van het binnenduingebied groef men in 1537 de Jan Gijzenvaart. Het dorp bestond lange tijd uit blekerijen en buitenplaatsen. Na het droogmaken van het Wijkermeer in 1865-'76 ontstond ook bebouwing aan de oostzijde. In het gebied ontwikkelde zich vanaf 1870 de bloembollencultuur, waarvoor de Jan Gijzenvaart tot circa 1930 werd benut. In 1898 opende men aan de spoorlijn Haarlem-Alkmaar (1876) het station Santpoort-Meerenberg (nu Santpoort-Zuid). Sindsdien heeft Santpoort zich ontwikkeld tot een forensendorp. De villabouw die vanaf 1876 ten westen van de spoorlijn langs de Vinkenbaan tot ontwikkeling kwam, werd vanaf circa 1930 aan weerszijden van het spoor voortgezet. In 1926 zijn het oude Santpoort en het dorp Jan Gijzenvaart officieel samengevoegd en heten de twee kernen respectievelijk Santpoort-Noord en Santpoort-Zuid.

Gepubliceerd op 30-05-2017