Overige buitenplaatsen in 's-Graveland betekenis & definitie

Uit circa 1914 dateert het met pseudovakwerk uitgevoerde landhuis Land en Boschzicht (Leeuwenlaan 26-40). Een opvallend bijgebouw is de eveneens met pseudovakwerk vormgegeven kapel. Op het terrein staan twee theekoepels, waarvan één uit de late 18de eeuw. Dat laatstgenoemde, op een botenhuis geplaatste, neoclassicistische bouwwerk is voorzien van pilasters en een loden koepeldak. Van de buitenplaats Sperwershof (Noordereinde 50-52) werd het huis rond 1930 als villa herbouwd.

De parkaanleg onderging een vernieuwing in 1888 naar plannen van H. Copijn. Van het oude buiten resteert de 18de-eeuwse tuinmuur aan de noordzijde van de moestuin. Jonger zijn het toegangshek (circa 1890), de voorm. koetsierswoning (Ankeveensepad 5; circa 1880) en de voorm. tuinmanswoning (Ankeveensepad 6; circa 1920). Bij de buitenplaats Schoonoord (Zuidereinde 11) werd het oude huis (verbouwd 1773) in 1930 vervangen door de huidige villa in expressionistische landhuisstijl met hoge rieten daken en vakwerkgeveltoppen. J. van Erven Dorens maakte hiervoor het ontwerp in opdracht van G. Leonhardt. De parkaanleg bestaat uit drie delen: rondom het huis een ‘huisplaats’ met nutstuinen, gazon en borders (begin 20ste eeuw; L.W. Copijn), dan een vroege landschappelijke parkaanleg met vijverpartij (late 18de eeuw) en ten slotte een parkbos met restanten van de laat-18de-eeuwse aanleg, waaronder een heuvel. In het park staan een duiventil (1930), een atelier, een schuur en aangebouwde tuinmuur. Twee priëlen zijn beide in circa 1925 gebouwd, ‘De Rose Wees’ in op Italiaanse voorbeelden geïnspireerde neoclassicistische stijl en de tweede met neoclassicistische details.

Gepubliceerd op 30-05-2017