Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam betekenis & definitie

De Nieuwe Oosterbegraafplaats (Kruislaan 128) werd in 1894 gesticht op een in 1888 door de gemeente Amsterdam gekocht terrein. L.A. Springer won de uitgeschreven prijsvraag (1889) met een parkachtig plan vol slingerende paden in een met zand opgehoogd terrein. Er volgden uitbreidingen in 1917, 1930, 1942 en 1969. De toegangspoort, dienstwoningen en het baarhuisje zijn ontworpen door A.W. Weissman. Het ontvangstgebouw van zijn hand heeft men in 1939 vervangen door de huidige gepleisterde aula met neoclassicistische details (1939, J. Leupen) en binnen een muurschildering van A. Muis.

De begraafplaats bevat veel rijke grafsculptuur. Tot de belangrijke graftekens behoren die voor de schilders J.W. Pieneman († 1853) en N. Pieneman († 1860), de architecten G.B. Salm († 1897) en B.J. Ouëndag († 1932) en de graficus A. Hahn († 1918; met beeld H. Krop). Tot de rijkste grafmonumenten behoort het door J.F. Klinkhamer ontworpen grafmonument voor G.F. Westerman († 1890), een van de oprichters van Artis. Het beeldhouwwerk, waaronder de hond op de zerk, werd gemaakt door zijn schoonzoon J.F. Verdonck. Opmerkelijk is de marmeren graftombe met gisant voor de schilderes T. van Duyl-Schwartze († 1918), ontworpen door haar zuster G. Schwartze. Verder zijn er rijk bewerkte stèles bij de graven van de actrices M.J. Kleine-Gartman († 1885) en W.J.R. Albregt-Engelman († 1902), een grafmonument met borstbeeld voor de schrijver E.J. Potgieter († 1875; buste F. Stracké) en een grafteken met portretreliëf voor de dichter J. Perk († 1881). Het graf van de wielrenner P. van Neck († 1914) is voorzien van een stèle met fiets. Het oorspronkelijk achter de aula gelegen monumentale graf (1927) van gouverneurgeneraal J.B. van Heutsz († 1924) is bij een herstructurering (2003) naar elders op het terrein overgebracht.

Gepubliceerd op 22-05-2017