De Rijp(gemeente Graft-De Rijp) betekenis & definitie

Dorp op het Schermereiland, ontstaan in het begin van de 15de eeuw toen inwoners uit Graft aan de westoever van het Beemstermeer een vissershaven stichtten (nu Tuingracht).

De bebouwing concentreerde zich aanvankelijk aan weerszijden van de omringdijk van de Eilandspolder (Rechtestraat), met bij de dam (Grote Dam) een waag en in 1467 een kapel. In 1594 verving men de dam door een brug met sluis en volgde bebouwing haaks op de Rechtestraat langs het Zuideinde. In 1607 werd De Rijp een zelfstandige banne (rechtsgebied). De haringvisserij en na 1654 de walvisvaart zorgden voor economische bloei en de aanleg van twee havens aan de zuidzijde (Buizenhaven 1625 en Balkenhaven 1650). Ook waren veel reders in De Rijp gevestigd. In 1654, 1657 en 1674 werd het dorp door grote branden getroffen. In de 18de eeuw volgde een gestage achteruitgang, waarna veeteelt en tuinbouw de voornaamste vorm van bedrijvigheid werden.

Eind 19de eeuw vond verdichting van de bebouwing plaats en na de Tweede Wereldoorlog is het dorp ten westen van de Zuiddijk uitgebreid. De Rijp is een beschermd dorpsgezicht.

Gepubliceerd op 26-05-2017