Bank van Lening (Amsterdam) betekenis & definitie

De voorm. Bank van Lening, of ‘Lommerd’ (OZ Voorburgwal 300) werd in 1614 ingericht in een aan de Enge Lombardsteeg grenzend turfpakhuis uit 1550, dat was gebouwd in opdracht van de Oudezijds Huiszittenmeesters. Mogelijk naar plannen van Hendrick de Keyser werd dit pakhuis met compleet houtskelet uit 1550 verbouwd tot stedelijke Bank van Lening (memoriesteen).

In 1616 trok men de aangrenzende vroeg-16de-eeuwse noordvleugel van het voorm. Maria Magdalenaklooster erbij als opslagruimte, waarbij de gevels werden aangepast aan de stijl van het turfpakhuis. In de Enge Lombardsteeg bevindt zich een toegangspoortje met gebogen fronton en een vroeg-17de-eeuwse reliëfvoorstelling van de lommerd in bedrijf (Willem de Keyser). Daarboven zit een oeil-de-boeufvenster (circa 1670) omlijst door twee hoornen van overvloed. In 1664-'69 verrees aan de Oudezijds Voorburgwal naar plannen van Daniël Stalpaert een forse uitbreiding met kruiskozijnen. Het middenrisaliet van dit bouwdeel heeft een vroeg-17de-eeuws poortje met een bovenlichtomlijsting uit 1669. Het in 1892 naar ontwerp van W. Hamer als uitbreiding gebouwde pand Oudezijds Voorburgwal 302 met klokgevel maakt geen deel meer uit van het in 1964 gerestaureerde Bank van Leningcomplex.

Elders in de stad werden hulpbanken van lening ingericht, zoals het in neorenaissance-stijl uitgevoerde gebouw Marnixstraat 315 (1887, W. Hamer) en het van rationalistische details voorziene gebouw Lindengracht 204 (1901-'02).

Gepubliceerd op 22-05-2017