circulaire economie betekenis & definitie

Een circulaire economie is een economie waarbij de keten van productie-gebruik-afval gesloten is; afvalstoffen worden hergebruikt. Bij deze economie staat duurzaamheid centraal.

Het streven is om de afvalstroom zo klein mogelijk te maken en alle producten na gebruik te hergebruiken. Hergebruiken betekent dat ze opnieuw gebruikt kunnen worden om hetzelfde product te maken of kan worden gebruikt voor het maken van een ander product.
De circulaire economie is ook zichtbaar in het dagelijks leven zoals in de scheiding van huishoudelijk afval in papier, glas, plastic, metaal en drankenkartons. De echte afvalstroom is de categorie restafval, die is vaak moeilijk te scheiden en her te gebruiken. De hoeveelheid restafval zou dan ook zo klein mogelijk moeten zijn.
Een circulaire economie gaat ook uit van het idee dat grondstoffen eindig zijn. Op de lange termijn zal het voordeliger zijn om (bepaalde) stoffen te hergebruiken in plaats van ze uit de natuur te halen. Hierbij moet gedacht worden aan metalen maar ook aan bijvoorbeeld fosfaat; belangrijk voor de landbouw.
Het idee van een circulaire economie is afgeleid van de natuur met de verschillende biologische en biochemische cycli. In de natuur is immers geen afval want de afvalstoffen van een soort vormen vaak voedingsstoffen voor een ander.
Naast een zo klein mogelijke afvalstroom wordt het productieproces vaak ook op andere manieren aangepast; met het oog op duurzaamheid. De energie die bijvoorbeeld nodig is om het product te maken wordt opgewekt door middel van zonne-energie of wind-energie. Ook de hoeveelheid energie, water of chemische stoffen die voor het productieproces nodig zijn worden zo klein mogelijk gemaakt.
Een circulaire economie is het tegenovergestelde van een lineaire economie.

Gepubliceerd op 03-02-2017