Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

Gepubliceerd op 11-11-2021

puik

betekenis & definitie

1. o. (het beste, het uitstekende, het voortreffelijkste, het uitgelezenste): het puik van uwen aardschen schat; het puik der schonen; het puikje, het allerbeste;

2. bn. (best, uitmuntend): puike waren, puike groenten.