Kernpunten van de economie

Alle begrippen uit de economie

Gepubliceerd op 12-05-2017

2017-05-12

Krediet

betekenis & definitie

Het verstrekken van geld voor een bepaalde periode.

Er zijn allerlei soorten indelingen in kredieten:

1. Met betrekking tot de duur:
-Kort krediet, met een looptijd tot één jaar.
-Lang krediet, met een looptijd van langer dan één jaar.
2. Consumptief of produktief:
-Consumptief krediet, in dit geval zal het krediet gebruikt worden in de consumptieve sfeer, bijvoorbeeld voor de aanschaf van luxe goederen.
-Produktief krediet: bijvoorbeeld als een bedrijf wil investeren in nieuwe machines en gebouwen om de produktie op te voeren.
3. Het bedrijfsleven kent onder andere de volgende vormen van krediet:
-Leverancierskrediet: een bedrijf levert goederen die pas in de toekomst betaald moeten worden. Het is de bedoeling dat door gemakkelijke betalingsvoorwaarden de afzet gestimuleerd zal worden.
-Afnemerskrediet: in dit geval betaalt de afnemer de goederen vooruit. In het algemeen maken dienstverlenende bedrijven daarvan gebruik om hun risico te beperken. Voorbeelden zijn abonnementen op de trein of op een dagblad, premies voor verzekeringen.
4. De meest voorkomende vormen van kredietverlening aan gezinnen zijn:
-Doorlopend of continu-krediet bij een bank. -Hypotheken.
-Huurkoop- en afbetalingskrediet. Bij aankoop wordt slechts een deel van de koopsom betaald; de aanbetaling. Wordt de koper eigenaar na de betaling, dan is er sprake van koop op afbetaling. Wordt de koper pas eigenaar als de hele koopsom betaald is, dan gaat het om huurkoop.
-Persoonlijke leningen.
5. Kredietvormen bij bedrijven:
-Rekening-courantkrediet bij een bank: als een bedrijf al zijn betalingen via een rekening bij een bank laat lopen, mag het bedrijf ‘rood’ staan tot een van te voren afgesproken maximum. Er is hier sprake van wederzijdse schuldaanvaarding; de bank verplicht zich tot het verstrekken van krediet, terwijl de kredietnemer zich verplicht het geleende bedrag in de toekomst terug te beta-len.
-Uitgifte van obligaties: dit is een voorbeeld van langlopend krediet.
-Hypotheek op onroerende goederen.
- Het sluiten van onderhandse leningen-, de lening wordt afgesloten bij één instelling of bij een kleine groep van instellingen. De lening heeft meestal een middellange looptijd van vijf tot tien jaar.
6. Kredietvormen van de overheid. De bekendste voorbeelden zijn:
-Uitgifte van schatkistpapier.
-Opnemen van kasgelden bij DNB.
-Uitgifte van staatsobligaties, in de wandelgangen ‘staatslening’ genoemd.

De Nederlandsche Bank kan de banken bindende voorschriften opleggen omtrent de kredietverlening. In geval van kwalitatieve kredietcontrole worden bepaalde soorten krediet beperkt of verboden. In een tijd van overbesteding kan DNB de consumptieve kredietverlening daarmee indammen. Er is sprake van kwantitatieve kredietcontrole als er bepalingen worden opgesteld omtrent de maximale omvang van de kredietverlening. Er wordt dan een kredietplafond ingesteld. Deze vorm van kredietbeheersing wordt ook wel directe kredietbeheersing genoemd. Overschrijdt een bank het kredietplafond, dan moet ze een renteloos strafdeposito bij DNB aanhouden. Voor een bank betekent dit dus renteverlies. Bij indirecte kredietbeheersing spelen de liquide middelen van de bank een belangrijke rol bij de vaststelling van de hoogte van de kredietverlening. Bij deze vorm van kredietbeheersing kan DNB gebruik maken van de kasreservepolitiek. De banken kunnen namelijk verplicht worden een zeker percentage (van nul tot vijftien procent) van de bij hen aangehouden tegoeden renteloos bij DNB onder te brengen.