Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gepubliceerd op 16-10-2019

Oet-Napisjtim

betekenis & definitie

De Babylonische Noë; volgens de 11e tafel van het Gilgamesj-epos (→ Gilgamesj) was hij voor den vloed koning van Sjoerroeppak aan den Euphraat. Door openbaring onderricht over den komenden vloed, bouwde hij een schip, waarop hij met al zijn bezit, geheel zijn familie en allerlei levende wezens werd gered.

Daarna verleenden de goden aan hem en zijn vrouw de onsterfelijkheid. Zijn naam beteekent: „hij zag het leven”; het Soemerische aequivalent van dezen Akkadischen naam wordt in de Soemerische recensie van het zondvloedverhaal gevonden, nl.

Zi-oed-soed-da of Zisoedra, bij de Grieken door middel van Berossos overgeleverd als Xisoethros. Alfrink.